Loop ik risico op het metabool syndroom?

Heb jij al eens gehoord van het metabool syndroom? Het metabool syndroom is ook wel bekend onder de naam syndroom X: een spannende naam en een syndroom waar de wetenschap nog veel onderzoek naar doet. Bekend is dat dit syndroom je vroegtijdig kan doen verouderen en het risico aanzienlijk doet toenemen op het krijgen van hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, overgewicht, oogziekte, aandoeningen van het centrale zenuwstelsel, diabetes, de ziekte van Alzheimer, kanker en andere ziekten die met leeftijd in verband staan. In deze column beantwoord ik de vragen: wat is het metabool syndroom en wat kunnen we eraan doen?

Wat is het metabool syndroom?

Eigenlijk is het een verzamelnaam voor een aantal specifieke symptomen die kunnen voorkomen bij iemand. Er is sprake van het metabool syndroom wanneer iemand drie of meer van onderstaande klachten heeft:

  • Abdominale obesitas (dat wil zeggen veel vet in en rond de buik(holte): het welbekende ‘appelfiguur’);
  • Te hoge bloeddruk;
  • Afwijking in bloedvetten (verhoogd LDL- cholesterol);
  • Verhoogde nuchtere bloedglucosespiegel of diabetes type II;
  • Insulineresistentie en hyperinsulinemie (verhoogd insulinegehalte in het bloed).

Veel voorkomende klachten

Er zijn bepaalde symptomen die zich kunnen voordoen waardoor het metabolisme ontregeld raakt. Metabolisme is de stofwisseling, vandaar ook de naam metabool syndroom. De stofwisseling zorgt ervoor dat onder andere voedingsstoffen opgenomen en verwerkt kunnen worden, waardoor het lichaam goed kan functioneren. Wanneer er sprake is van een ontregeling kunnen niet alle stofwisselingsprocessen goed verlopen en dit geeft op den duur de volgende klachten:

  • Weinig energie; voortdurend moe, slaperigheid overdag of vooral na het eten;
  • Problemen met concentreren, slecht geheugen en slecht kunnen presteren;
  • Behoefte aan zoete producten en een hongergevoel tussen de maaltijden door of ’s nachts;
  • Gewichtsverandering of niet kunnen afvallen bij een energiebeperkt dieet;
  • Hoog vetpercentage.

Deze klachten worden alleen niet altijd opgemerkt, in België kampt 27% tot 34% van de vrouwen met het metabool syndroom. Veel onderzoeken zijn gericht op chronische aandoeningen die samenhangen met overgewicht. Uit deze onderzoeken blijkt dat het metabool syndroom steeds vaker benoemd wordt als oorzaak van allerlei lichamelijke problemen. Als er dus sprake is van overgewicht, zie je vaak dat ook de één of meer andere symptomen uit het rijtje optreden, bijvoorbeeld overgewicht en insulineresistentie of overgewicht en een hoge bloeddruk. Daarnaast geldt hoe meer symptomen iemand heeft, hoe groter het risico is voor de gezondheid.

Als het metabolisme voor lange tijd ontregeld blijft dan komen vaak de ernstigere klachten om de hoek kijken die ik in de inleiding heb genoemd, zoals oogklachten, diabetes en hart- en vaatziekten.

Insulineresistentie en hyperinsulinemie

Een van de belangrijkste symptomen die mogelijk centraal staan voor alle onderliggende problemen is insulineresistentie. Metabool syndroom betekent dan ook eigenlijk stofwisselingsyndroom of insulineresistentie-syndroom en daarom licht ik dit symptoom nog even extra toe:

Normaal gesproken is insuline het hormoon dat ervoor zorgt dat suikers uit het bloed vervoerd worden naar de cellen om vervolgens als brandstof te dienen. Insulineresistentie wil zeggen dat het lichaam niet goed meer reageert en de suikers in de bloedbaan blijven. Om dit te compenseren wordt er door de alvleesklier meer insuline aangemaakt wat hyperinsulinemie als gevolg heeft. Dit is op de lange termijn schadelijk voor de gezondheid, maar vaak ook het begin van diabetes type II. De combinatie overgewicht en veel buikvet is een risico, er vindt dan namelijk niet alleen vetopslag plaats in de buikholte maar ook in de lever en de spieren. Dit vet wordt ook wel visceraal vet genoemd en geeft hormoonachtige stoffen af waardoor stofwisselingsproblemen kunnen ontstaan.

Risicofactoren voor het krijgen van het metabool syndroom

De belangrijkste oorzaken, naast (ernstig) overgewicht en insulineresistentie, waardoor dit syndroom kan ontstaan, zijn een combinatie van een aantal aspecten. We hebben het dan over erfelijke factoren, maar ook een voedingspatroon dat bestaat uit een hoge consumptie van suikerrijke voeding, geraffineerde zetmeelproducten (witte rijst, witte pasta), alcohol, veel verzadigd vet, weinig vezels, weinig omega 3 vetzuren (vis) en vitamines en mineralen. Daarnaast kunnen roken, chronische stress, bepaalde medicatie, een verstoord dag- en nachtritme en weinig lichaamsbeweging een risicofactor zijn. Ook leeftijd heeft invloed, want ouder worden gaat gepaard met een verandering van vetverdeling en lichaamssamenstelling. Deze combinatie kan insulineresistentie veroorzaken en daarmee het risico op het ontstaan van het metabool syndroom verhogen.

Wat kunnen we er aan doen?

Het verliezen van gewicht is het allerbelangrijkste, want hiermee kan de insulineresistentie worden verminderd met als gevolg dat het lichaam weer beter reageert op insuline. Uit verschillende onderzoeken komt dan ook naar voren dat insulineresistentie eigenlijk centraal moet staan in de behandeling omdat dit vaak het grootste probleem is bij het metabool syndroom. Zorg verder voor:

  • Koolhydraatarme voeding: dit zorgt voor een stabiele bloedglucosespiegel, waardoor er minder insuline nodig is en dit heeft een positief effect op zowel het gewicht als de insulineresistentie;
  • Eiwitrijke voeding: voor verzadiging en behoud van spiermassa;
  • Goede hoeveelheid vetten, vezels, vitamines en mineralen;
  • Voldoende lichaamsbeweging: dit draagt bij aan gewichtsverlies en behoud van het gewicht.

Dus werk aan voldoende lichaamsbeweging, een gezond gewicht en een goed voedingspatroon, dit zijn de belangrijkste uitgangspunten die ervoor kunnen zorgen dat het risico op aandoeningen verkleind kan worden.

Bronnen: